Op Prinsjesdag 2026 presenteerde het kabinet de Rijksbegroting voor 2027. In de begroting van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid zijn concrete bezuinigingen opgenomen op het terrein van werkloosheid en arbeidsongeschiktheid. De twee belangrijkste maatregelen die in de stukken worden benoemd, zijn een bekorting van de WW-duur en een versobering van de WIA.
De WW (Werkloosheidswet) geeft je bij baanverlies recht op een tijdelijke uitkering. Hoe lang je recht hebt op WW hangt af van je arbeidsverleden: voor ieder jaar dat je hebt gewerkt, bouw je WW-rechten op. Het kabinet wil de maximale duur en de opbouw van die rechten beperken. Dat betekent concreet: wie zijn of haar baan verliest, raakt eerder het recht op WW kwijt en moet sneller op zoek naar nieuw werk of een andere inkomstenbron.
De WIA (Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen) geeft mensen die door ziekte of een beperking niet meer volledig kunnen werken recht op een uitkering. De voorgestelde versobering richt zich op de hoogte of de voorwaarden van die uitkering. Exacte bedragen of percentages zijn op basis van de beschikbare begrotingsstukken niet te bevestigen, maar de richting is duidelijk: de vangnetfunctie voor langdurig zieken wordt smaller.
Of en wanneer deze plannen precies ingaan, is op het moment van schrijven nog niet zeker. De begroting is een voorstel; het parlement moet de maatregelen nog goedkeuren. Vakbonden en werkgeversorganisaties hebben al laten weten dat zij dit dossier nauwlettend volgen. Formeer je je eigen beeld, dan is de officiële begrotingsdocumentatie via de Tweede Kamer de meest betrouwbare bron.