De CAO mbo 2026 valt binnen de lopende cao 2025–2026 en loopt tot 1 maart 2026.
De salarisschalen voor 2026 zijn gebaseerd op de +5,1% loonsverhoging per 1 januari 2025.
De cao mbo onderhandelingen 2026 starten in de loop van 2026, omdat de huidige cao een korte looptijd heeft.
Werkdruk, professionalisering en inzetbaarheid blijven belangrijke thema’s.
Voor de rest van 2026 bestaat nog geen nieuwe cao; alleen procesafspraken zijn bekend.
De CAO mbo 2026 valt binnen de bestaande cao die loopt tot 1 maart 2026. Deze cao is relatief kort van duur, omdat sociale partners in 2026 verder willen onderhandelen over belangrijke thema’s zoals duurzame inzetbaarheid, verlof, professionalisering en teamregie. De huidige cao bouwt voort op eerdere afspraken en vormt de basis voor de arbeidsvoorwaarden in het mbo tot maart 2026, terwijl er tegelijkertijd wordt gewerkt aan een ingrijpende modernisering van het systeem voor de jaren daarna.
De cao mbo 2024 liep officieel tot 31 december 2024. Omdat er op dat moment nog geen nieuwe cao-afspraken waren gemaakt, werd deze cao automatisch verlengd tot 1 augustus 2025. In deze verlengde cao zaten onder meer:
Deze verlenging zorgde voor duidelijkheid in een periode waarin cao-onderhandelingen nog moesten worden opgestart, zodat medewerkers in het mbo niet zonder cao kwamen te zitten.
De nieuwe cao, officieel de “CAO middelbaar beroepsonderwijs 2025–2026”, geldt van 1 augustus 2025 t/m 1 maart 2026. De looptijd is kort, omdat werkgevers en vakbonden tijd nodig hebben om in 2026 verder te werken aan een breder pakket structurele veranderingen.
Deze cao kwam tot stand via het volgende traject:
Betrokken onderhandelingspartijen:
De term cao mbo onderhandelingen 2026 verwijst naar twee parallelle ontwikkelingen: enerzijds de cao-onderhandelingen in 2025 die doorwerken tot begin 2026, en anderzijds de nieuwe onderhandelingen die in 2026 worden gestart voor de periode na 1 maart 2026. Dat betekent dat 2026 zowel een cao-eindfase als een nieuw onderhandelingstraject omvat.
Op 10 februari 2025 wisselden de MBO Raad en de vakbonden hun formele voorstellen uit. De belangrijkste thema’s die bij de start van de onderhandelingen op tafel kwamen, waren:
Gedurende het voorjaar van 2025 vonden meerdere intensieve onderhandelingsrondes plaats waarin deze thema’s stap voor stap werden uitgewerkt.
Op 4 juli 2025 bereikten sociale partners een akkoord voor de CAO mbo 2025–2026. De belangrijkste onderdelen waren:
De leden van de betrokken vakbonden en de achterban van de MBO Raad stemden in augustus en september 2025 met het akkoord in.
Voor de periode na 1 maart 2026 bestaat er nog geen nieuwe cao. Wel zijn er tussen werkgevers en bonden procesafspraken gemaakt over:
Dit betekent dat 2026 een overgangsjaar wordt waarin de basis wordt gelegd voor structurele vernieuwing.
De salaristabellen die gelten in 2026 (tot 1 maart) zijn identiek aan de salarisschalen die in de CAO mbo 2025–2026 zijn vastgelegd. Hierin is een structurele loonsverhoging van 5,1 procent verwerkt. Deze verhoging is per 1 januari 2025 ingegaan en werkt door tot het einde van de cao.
De cao kent twee hoofdgroepen:
Voorbeeldbedragen na +5,1% (afgerond):
Daarnaast blijven jeugdschalen J15–J17 en participatiebanen (P-schalen) hetzelfde stijgingspercentage volgen en zijn gekoppeld aan minimumloonontwikkelingen.
In de cao zijn afspraken opgenomen over proeftuinen waarin teams kunnen experimenteren met:
Deze pilots moeten leiden tot een vernieuwd systeem dat vanaf het schooljaar 2026–2027 breed kan worden ingevoerd.
Elke medewerker in het mbo krijgt minimaal:
Daarnaast worden afspraken gemaakt over duurzame ontwikkeling, inclusief het actualiseren van opleidingsvergoedingen en ontwikkelrechten.
Er is nog geen cao vastgesteld voor de periode ná 1 maart 2026. Tot die datum geldt de CAO mbo 2025–2026. De onderhandelingen voor de nieuwe cao worden in 2026 gestart.
Per 1 januari 2025 zijn alle salaristabellen verhoogd met 5,1 procent. Deze bedragen blijven ongewijzigd van kracht tot de cao op 1 maart 2026 afloopt.
Ja. Iedere medewerker ontvangt minimaal € 500 scholingsbudget per jaar en OBP-medewerkers krijgen professionele uren die gelijk zijn aan die van OP. Ook komen er extra uren beschikbaar voor enkele ondersteunende functies.
De onderhandelingen voor de nieuwe cao gaan in 2026 van start, omdat de huidige cao op 1 maart 2026 eindigt. Concrete voorstellen worden later dat jaar verwacht.
Teams kunnen deelnemen aan proeftuinen om nieuwe vormen van inzetbaarheid, taakverdeling en verlof te testen. De bevindingen hiervan vormen de basis voor een vernieuwd systeem vanaf 2026–2027.
De salarisschalen zijn opgenomen in de financiële bijlage van de CAO mbo 2025–2026 en blijven geldig tot 1 maart 2026.
De CAO mbo 2026 valt volledig binnen de CAO mbo 2025–2026 en geeft medewerkers tot 1 maart 2026 duidelijkheid over salaris, toelagen, professionalisering en inzetbaarheid. De loonsverhoging van 5,1 procent is verwerkt in alle salarisschalen en er zijn duidelijke afspraken gemaakt over professionele ontwikkeling en werkdrukvermindering.
Tegelijkertijd is 2026 een voorbereidend jaar: sociale partners onderzoeken hoe inzetbaarheid, verlof en het individueel keuzebudget toekomstbestendig kunnen worden ingericht. Die inzichten moeten leiden tot een vernieuwd systeem vanaf schooljaar 2026–2027. Professionals in het mbo kunnen daardoor rekenen op stabiliteit in 2026 én op verdere modernisering in de jaren daarna.