Om als elektromonteur aan de slag te kunnen, heb je een opleiding elektromonteur nodig. De meest gebruikelijke route is een MBO opleiding elektromonteur (niveau 2, 3 of 4). Tijdens deze opleiding elektromonteur leer je hoe elektrische installaties werken, hoe je veilig met elektriciteit omgaat en hoe je storingen opspoort en verhelpt.
Opleidingstraject:
- MBO Elektrotechniek (niveau 2-4) – Dit is de basisopleiding om elektromonteur te worden. Je leert alles over bedrading, installaties en technische tekeningen.
- BBL (Beroepsbegeleidende Leerweg) – Veel elektromonteurs kiezen ervoor om vier dagen te werken en één dag per week naar school te gaan. Hierdoor doe je direct praktijkervaring op.
- Certificaten en specialisaties – Denk aan NEN 3140 (veilig werken met laagspanning) en NEN 1010 (installatienormen). Met extra certificeringen kun je je specialiseren in bijvoorbeeld industriële elektrotechniek of domotica.
Naast een diploma zijn praktische vaardigheden en ervaring ontzettend belangrijk. Veel elektromonteurs starten met een stage of werken via een leerwerktraject (BBL), waarbij je vier dagen per week werkt en één dag naar school gaat.
Na je opleiding elektromonteur kun je direct aan de slag als elektromonteur. Wil je doorgroeien? Dan kun je je specialiseren als eerste monteur, technisch tekenaar of werkvoorbereider in de elektrotechniek.